Wat te doen met nog niet onherroepelijke omgevingsvergunning in bplan

Deze vraag komt aan de orde in de uitspraak van de Afdeling van 8 februari 2017 (ECLI:NL:RVS:2017:329) over het bestemmingsplan ‘Eiland van Schalkwijk’ van de gemeente Houten. De voorgeschiedenis: de appellant in kwestie had een omgevingsvergunning ontvangen voor het wijzigen van het agrarisch gebruik van zijn perceel naar gebruik voor bedrijfsdoeleinden. Maar een omwonenden stelde tegen die vergunning beroep in, waardoor de vergunning nog niet onherroepelijk was toen de gemeenteraad een kleine vier maanden later het bestemmingsplan dat in deze uitspraak aan de orde is, vaststelde. Om die reden koos de raad ervoor om de omgevingsvergunning niet te verwerken in het bestemmingsplan, maar vast te houden aan de agrarische bestemming. De motivering van de raad getuigde echter van weinig zelfvertrouwen: volgens de raad was het onzeker of de vergunning rechtmatig was en of de toekenning van een bedrijfsbestemming wel in overeenstemming was met een goede ruimtelijke ordening. De Afdeling neemt hiermee begrijpelijkerwijs geen genoegen en oordeelt dat ‘een niet onherroepelijke omgevingsvergunning een zwaarwegend belang (vormt) dat de raad moet betrekken bij zijn besluitvorming over het bestemmingsplan’. Voor de raad brengt dit de verplichting mee om af te wegen of er uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening redenen zijn deze vergunning al dan niet in te passen in het bestemmingsplan. Met alleen maar een verwijzing naar de onzekere uitkomst van een lopende beroepsprocedure mag de raad dus niet volstaan.

Voor meer informatie over deze uitspraak kunt u contact opnemen met Jan


Sluit je aan bij de
800+ abonnees 
en schrijf je in voor de
wekelijkse Omgevingsflits:

Volg ons:

© SAM advocaten. powered by Webconfetti.