Voorwaardelijke verplichting in strijd met artikel 3.1, eerste lid, Wro

AbRvS 3 augustus 2022 (ECLI:NL:RVS:2022:2181). De raad van de gemeente Bergen op Zoom heeft het bestemmingsplan “Klein-Molenbeek 4 en 9” vastgesteld. Dit plan voorziet in de bouw van zes woningen op de percelen Klein-Molenbeek 4 en 9 in Bergen op Zoom.

Appellanten wonen op aangrenzende percelen. Zij betogen dat de planregels geen waarborgen bevatten dat aan de stedenbouwkundige randvoorwaarden wordt voldaan die de raad van belang heeft geacht. De raad stelt daarentegen dat is gewaarborgd dat aan voorwaarden voor landschappelijke inpassing wordt voldaan nu in de planregels is opgenomen dat voor de realisatie van de woningen op elk afzonderlijk perceel uitvoering dient te zijn gegeven aan een zorgvuldige landschappelijke inpassing overeenkomstig een door het college goedgekeurd landschappelijk inpassingsplan.

Volgens de Afdeling is met een nog op te stellen landschappelijk inpassingsplan onvoldoende verzekerd dat het plan voldoet aan de stedenbouwkundige randvoorwaarden dat het plan zorgt voor een zorgvuldige landschappelijke inpassing en niet leidt tot afbreuk aan het bestaande groene, bosrijke karakter in het plangebied. Bovendien wordt de in artikel 4.3, onderdeel c, van de planregels opgenomen voorwaardelijke verplichting afhankelijk gesteld van een nadere afweging van het college, zonder dat daartegen rechtsmiddelen kunnen worden aangewend. De Afdeling oordeelt dat het bestemmingsplan in zoverre in strijd is met artikel 3.1, eerste lid, Wet ruimtelijke ordening.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Rob


Sluit je aan bij de
800+ abonnees 
en schrijf je in voor de
wekelijkse Omgevingsflits:

Volg ons:

© SAM advocaten. powered by Webconfetti.