Planschade en nadeelcompensatie: WOZ waarde

In planschade en nadeelcompensatiezaken wordt door verzoekers regelmatig gewezen op een verminderde WOZ-waarde om aannemelijk te maken dat de waarde van een onroerende zaak is gedaald. Een dergelijke stelling treft zelden doel, omdat bij het bepalen van de WOZ-waarde niet, anders dan bij een planvergelijking, gekeken wordt naar de maximale invulling van het planologische regime (zie onder meer AbRvS 9 oktober 2013, nr. 201209175/1/A2).

 

In de onderhavige zaak bleek uit de WOZ-beschikking van de heffingsambtenaar van de gemeente Arnhem, dat het ontwerp van het (schadeveroorzakende) Tracébesluit bij het vaststellen van die WOZ-waarde is betrokken. Dit betekende volgens de AbRvS echter niet dat aan de waardedaling uit de WOZ-beschikking vastgehouden moest worden. De reden daarvoor was dat uit de WOZ-beschikking niet valt af te leiden dat tevens rekening is gehouden met de maximale mogelijkheden van het aan het Tracébesluit voorafgaande planologische regime. Het beroep op de indicatieve betekenis van de bepaling van de WOZ-waarde voor de hoogte van de waardevermindering treft dan ook geen doel. AbRvS 27 januari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:151.

Voor meer informatie over deze uitspraak kunt u contact opnemen met Ineke


Sluit je aan bij de
800+ abonnees 
en schrijf je in voor de
wekelijkse Omgevingsflits:

Volg ons:

©2022 - SAM advocaten. Mogelijk gemaakt door Webconfetti.