Geurhinder en veehouderij

17 april 2020

In 2018 bleek uit een onderzoek van Wageningen University & Research dat de mate waarin luchtwassers de geurhinder van veehouderijen verminderen, veel kleiner is dan tot dan toe werd aangenomen. Dit heeft ertoe geleid dat in de Regeling geurhinder en veehouderij (Rgv; een ministeriële regeling op basis van de Wet geurhinder en veehouderij) met ingang van 20 juli 2018 strengere geuremissiefactoren zijn opgenomen.

Enkele dagen voor deze wetswijziging verleenden burgemeester en wethouders van Landerd een omgevingsvergunning milieu voor het veranderen van een varkenshouderij in een vleeskalverenmesterij. De aanvrager wilde 3.543 kalveren gaan houden, maar burgemeester en wethouders vergunden maar 2.945 kalveren. Zij motiveerden dit door te wijzen op de komende wijziging van de Rvg en in verband daarmee de noodzaak om de gezondheid van omwonenden te beschermen. Uitgaande van de oude emissiefactoren zou de emissie van het bedrijf voldoen aan de gemeentelijke geurnorm van 14 OU/m3, maar uitgaande van de nieuwe factoren zou deze norm worden overschreden.

In zijn uitspraak van 15 april 2020 (ECLI:NL:RVS:2020:1069) oordeelt de Raad van State in hoger beroep dat de Wet geurhinder en veehouderij (Wgv) ertoe dwingt om bij de vergunningverlening de emissiefactoren te gebruiken die in de Rgv zijn vastgelegd. De wet geeft niet de ruimte om alvast vooruit te lopen op komende wijzigingen daarin. Daarmee wijkt de Raad van State af van het oordeel van de rechtbank. Die had de Wgv buiten toepassing gelaten, omdat het Wageningse onderzoek had duidelijk gemaakt dat het Wgv-toetsingskader niet toereikend was om onaanvaardbare risico’s voor de volksgezondheid weg te nemen.

Maar volgens de Raad van State stond onvoldoende vast dat de daadwerkelijke geurbelasting en daarmee de gezondheidsrisico’s naar objectieve maatstaven onaanvaardbaar zouden zijn. Daarom was er onvoldoende reden om de WGV buiten toepassing te laten. Toch was daarmee de kous niet af: de Raad van State laat de rechtsgevolgen in stand, omdat bij de nieuw te nemen beslissing burgemeester en wethouders alsnog de gewijzigde emissiefactoren zouden moeten toepassen.

Voor meer informatie over deze uitspraak kunt u contact opnemen met Jan


Sluit je aan bij de
800+ abonnees 
en schrijf je in voor de
wekelijkse Omgevingsflits:

Volg ons:

© SAM advocaten. powered by Webconfetti.