Exploot als sluitingshandeling?

Het gaat in deze zaak om de invordering van al in 2013 verbeurde dwangsommen. De overtreder voert aan dat hij geen procesbelang meer heeft, omdat de invordering van de dwangsommen is verjaard.

Er zijn sinds de verbeurte aanmaningen gestuurd, dwangbevelen betekend en beslagen gelegd. Na de laatste beslaglegging ging weer een verjaringstermijn van een jaar lopen, en deze termijn verstreek op 10 april 2015. Voor die datum, op 13 februari 2015, had de gemeente een exploot betekend waarin zij onverkort aanspraak maakte op de dwangsommen. De vraag was of dit een stuitingshandeling is in de zin van art. 4:105, lid 1 Awb. De Afdeling beantwoordt deze vraag ontkennend en overweegt in dat kader (onder meer) dat een mededeling zoals in het exploot is gedaan, in het algemeen niet kan worden gezien als een daad van rechtsvervolging.

In dit geval echter ziet de Afdeling echter aanleiding om de aanzegging gelijk te stellen met een stuitingshandeling in de zin van art. 4:105, lid 1, en 4:106 Awb. Daarbij betrekt de Afdeling dat aan appellante aanmaningen zijn gestuurd, dwangbevelen zijn betekend en beslag is gelegd. Verder overweegt de Afdeling dat uit de aanzegging onmiskenbaar blijkt dat het college niet berust in het niet betalen van de schuld. Onder de gegeven omstandigheden mocht van het college niet worden gevergd dat opnieuw een aanmaning als bedoeld in art. 4:112 Awb zou worden gestuurd.

Nu het exploot gelijk wordt gesteld met een stuitingshandeling, is van verjaring geen sprake.

In deze uitspraak nuanceert de Afdeling dus (bij ons weten voor het eerst) het limitatieve karakter van de wettelijke stuitingshandelingen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Monique


Sluit je aan bij de
800+ abonnees 
en schrijf je in voor de
wekelijkse Omgevingsflits:

Volg ons:

© SAM advocaten. powered by Webconfetti.