Bijbehorend bouwwerk hoeft niet op de grond te staan

In de uitspraak van de AbRvS van 16 november 2016, ECLI:NL:RVS:2016:3069 komt de vraag aan de orde of een kruimelafwijking voor het realiseren van een bijbehorend bouwwerk kan worden verleend, als opgenomen in artikel 4 eerste lid bijlage II Bor, voor het realiseren van een plat dak in plaats van een schuine kap die in het bestemmingsplan is voorgeschreven.

De Afdeling is van mening dat in de definitie van een bijbehorend bouwwerk, opgenomen in artikel 1, eerste lid, van bijlage II van het Bor geen beperking zijn opgenomen. Derhalve hoeft het bijbehorend bouwwerk niet functioneel of bouwkundig te zijn onderscheiden van de rest van het gebouw. Noch hoeft sprake te zijn van een bestaand gebouw of een hoofdgebouw. Anders dan bij de artikelen 2, eerste lid, en 3, eerste lid, van bijlage II Bor, is in artikel 4 eerste lid bijlage II Bor niet als voorwaarde gesteld dat sprake moet zijn van een op de grond staand bijbehorend bouwwerk. Volgens de Afdeling kan het platte dak daarom worden aangemerkt als een bijbehorend bouwwerk als bedoeld in artikel 4 eerste lid bijlage II Bor.

Voor meer informatie over deze uitspraak kunt u contact opnemen met Janike


Sluit je aan bij de
800+ abonnees 
en schrijf je in voor de
wekelijkse Omgevingsflits:

Volg ons:

© SAM advocaten. powered by Webconfetti.