Bestemmingsplanbeoordeling

19 maart 2021

Hoe casuïstisch een beoordeling van een bestemmingsplan is, blijkt maar weer eens uit de uitspraak van de AbRvS 17 maart 2021, ECLI:NL:RVS:2021:583. In deze uitspraak speelt de vraag of het realiseren van het kinderdagverblijf in overeenstemming is met het ter plaatse geldende bestemmingsplan “Kom West 2007” van de gemeente Huizen. Het perceel heeft daarin de bestemming “Gemengde Doeleinden”, waaronder onder meer kantoren, dienstverlening en maatschappelijke voorzieningen zijn toegestaan. In het bestemmingsplan is ook een specifieke bestemming Maatschappelijke doeleinden opgenomen, waar expliciet kinderopvang is toegelaten.

Omwonenden van het kinderdagverblijf voeren aan dat een kinderdagverblijf niet past binnen de bestemming “Gemengde doeleinden” omdat kinderopvang in de planregels expliciet is genoemd onder de bestemming “Maatschappelijke Doeleinden”. Daarom is een kinderdagverblijf alleen toegestaan onder de bestemming “Maatschappelijke Doeleinden” en niet onder de bestemming “Gemengde doeleinden”. Volgens het normaal spraakgebruik dan wel het Van Dale woordenboek valt kinderopvang niet onder “dienstverlening”. De uitleg door de rechtbank van het begrip “dienst” als “een handeling waarbij je iemand van enige nut bent” is te ruim en zou een aanduiding van categorieën bedrijven die ter plaatse zijn toegestaan, zinloos maken.

De Afdeling overweegt dat een planregel, gelet op de rechtszekerheid, zo veel mogelijk letterlijk dient te worden uitgelegd (zie onder meer: AbRvS 22 januari 2020, ECLI:NL:RVS:2020:211). Het begrip “dienstverlening” is in het bestemmingsplan gedefinieerd als “het bedrijfsmatig verkopen en verlenen van zakelijke en persoonlijke diensten”. Het aanbieden van kinderopvang is aan te merken als een dienst. Verder sluit de omstandigheid dat kinderopvang is genoemd onder de bestemming “Maatschappelijke Doeleinden” niet uit dat die activiteit ook onder een andere bestemming kan vallen. Het is niet ongewoon dat een bepaalde activiteit onder meerdere bestemmingen valt, bijvoorbeeld in een geval als hier waar een veelomvattende bestemming “Gemengde doeleinden” geldt. Nu het bestemmingsplan en de toepasselijke planregels voldoende duidelijkheid bieden kan aan de bedoeling van de planwetgever, geen betekenis worden toegekend.

Voor meer informatie over deze uitspraak kunt u contact opnemen met Janike


Sluit je aan bij de
800+ abonnees 
en schrijf je in voor de
wekelijkse Omgevingsflits:

Volg ons:

© SAM advocaten. powered by Webconfetti.