Belanghebbende bij BP en geur- en fijnstof. Relativiteitseis stalderingsregeling

6 maart 2020

AbRvS 26 februari 2020 (ECLI:NL:RVS:2020:620). De raad van de gemeente Bergeijk heeft een bestemmingsplan vastgesteld dat voorziet in een pluimveehouderij voor maximaal 85.000 vleeskuikens. Het college heeft twee omgevingsvergunningen verleend voor de activiteiten bouwen en milieu.

Volgens de raad en het college is het beroep dat is ingediend door een familie niet-ontvankelijk omdat deze familie woont op circa 950 m van het plangebied en daarop geen zicht heeft. De Afdeling is van oordeel dat de familie weliswaar woont op een afstand van ongeveer 950 m van de locatie, maar gelet op de aard en omvang en de ruimtelijke uitstraling van de pluimveehouderij, onder meer in verband met geur- en fijnstof, is in dit geval niet uitgesloten dat zij daarvan op deze afstand feitelijke gevolgen kan ondervinden. De familie is dus belanghebbende, zodat zij beroep kan instellen.

Volgens Stichting Groen Kempenland en een aantal appellanten is het bestemmingsplan in strijd met de provinciale Verordening ruimte vastgesteld omdat niet voldaan is aan de eis dat een bestaand dierenverblijf van een hokdierhouderij elders is gesaneerd (de zogenoemde stalderingsregeling). Volgens de raad strekt deze eis niet ter bescherming van de belangen van Kempenland en appellanten. Volgens de Afdeling is de stalderingsregeling, gelet op de toelichting, bedoeld om leegstand en overconcentratie van intensieve veehouderij en de mogelijke nadelige gevolgen daarvan voor de natuurwaarden en de volksgezondheid te voorkomen. Het relativiteitsvereiste kan niet aan Kempenland en appellanten worden tegengeworpen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Rob


Sluit je aan bij de
800+ abonnees 
en schrijf je in voor de
wekelijkse Omgevingsflits:

Volg ons:

© SAM advocaten. powered by Webconfetti.