Belangen grondeigenaar onvoldoende meegewogen

In de tussenuitspraak van de AbRvS van 17 mei 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1315 is het bestemmingsplan ‘Reconstructie N417’, zoals dat is vastgesteld door de raad van de gemeente Hilversum, aan de orde. De reconstructie voorziet onder meer in de aanleg van een in twee richtingen bereden (brom-)fietspad aan de westzijde van de N417 over gronden met een totale oppervlakte van 4.222 m² die de B.V. Maatschappij tot beheer van de Buitenplaats “Uytwijck”, hierna: ‘MBBU B.V.’ in eigendom heeft. MBBU B.V. voert aan dat de raad heeft gekozen voor een slingerend tweerichtingspad op ruime afstand van de autoweg in plaats van voor een recht fietspad zo dicht mogelijk tegen de N417 aan. Volgens MMBU BV is haar belang als grondeigenaar onvoldoende meegewogen en is ten onrechte geen onderzoek gedaan naar de mogelijkheid van grondcompensatie. De Afdeling volgt de redenering van MBBU BV. In de plantoelichting of ter zitting is niet inzichtelijk gemaakt hoe de belangen van MBBU B.V. als grondeigenaar in de besluitvorming zijn betrokken. Ook blijkt niet of de raad alternatieve planologische inpassingen, waarmee geheel of gedeeltelijk aan de bezwaren van MBBU B.V. tegemoet kan worden gekomen, heeft overwogen en wat het ruimtebeslag van die alternatieven zou zijn. Dit terwijl de raad wel belang heeft gehecht aan het behoud van zo veel mogelijk bomen. Het bestreden besluit is onvoldoende gemotiveerd en daarmee in strijd met artikel 3:46 van de Awb tot stand gekomen. De raad krijgt van de Afdeling de gelegenheid om dit motiveringsgebrek te herstellen.

Voor meer informatie over deze uitspraak kunt u contact opnemen met Janike


Sluit je aan bij de
800+ abonnees 
en schrijf je in voor de
wekelijkse Omgevingsflits:

Volg ons:

© SAM advocaten. powered by Webconfetti.