Belang van frisse lucht in Gaasterland onvoldoende onderbouwd

26 maart 2021

Een veehouder in Hemelum wenst twee varkensstallen te realiseren en daarnaast zijn bestaande stallen emissiearm uit te voeren. Het college heeft een ontwerpbestemmingsplan naar de gemeenteraad gezonden en ook een ontwerpvergunning ter inzage gelegd. De gemeenteraad is echter niet bereid vast te stellen en ook de vergunning wordt geweigerd. Tegen die besluiten komt de veehouder op.

Het weigeringsbesluit van de gemeenteraad gaat nagenoeg op elk onderdeel onderuit. Vermeldenswaardig is echter het geur-aspect. Aanvrager stelt onderbouwd dat hij kan voldoen aan de eisen gesteld op grond van de Wet geurhinder en veehouderij. Dat wordt ook niet bestreden. Er is echter ook een rapport van de GGD waar op basis van een gezondheidskundige advieswaarde wordt geconcludeerd dat sprake is van een overschrijding. Mede op basis van het GGD-rapport stelt de gemeenteraad niet vast. Hoewel de redenering van de Afdeling (24 maart 2021, ECLI:NL:RVS:2021:619) wat rommelig oogt, is van belang dat de Afdeling oordeelt (1) dat de gemeenteraad een geurnorm mag hanteren die strenger is dan de norm van de Wgv, maar (2) wel deugdelijk dient te onderbouwen waarom die norm wordt gehanteerd.

Daarbij lijkt de Afdeling ook betekenis toe te kennen aan het feit dat de geursituatie in de nieuwe situatie een verbetering ondergaat ten opzichte van de voorheen bestaande vergunde situatie.

Voor meer informatie over deze uitspraak kunt u contact opnemen met Eelco


Sluit je aan bij de
800+ abonnees 
en schrijf je in voor de
wekelijkse Omgevingsflits:

Volg ons:

© SAM advocaten. powered by Webconfetti.