Belang na verjaring bevoegdheid invordering

Heeft een derde nog belang bij een uitspraak over een dwangsombesluit als de bevoegdheid tot invordering tijdens de procedure verjaart? Dat komt aan de orde in AbRvS 4 mei 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:1204).

Aan partij X is op 22 juli 2013 een last onder dwangsom opgelegd vanwege bouwen in afwijking van een aan partij Y verleende bouwvergunning. De last is bij beslissing op bezwaar van 29 september 2014 gehandhaafd, waarbij de begunstigingstermijn is verlengd tot 14 december 2014. De rechtbank vernietigt op 26 mei 2015 de beslissing op bezwaar en herroept de last, omdat partij X niet als overtreder kan worden aangemerkt. Tegen die uitspraak komt een derde, bewoner van het naburige perceel, in hoger beroep.

In hoger beroep oordeelt de Afdeling ambtshalve als volgt.

Artikel 5:35 Awb bepaalt dat de bevoegdheid tot invordering van verbeurde dwangsommen verjaart door verloop van een jaar na de dag waarop zij is verbeurd. In dit geval staat vast dat op 14 december 2014 niet aan de last was voldaan en dat vanaf 15 december 2014 dwangsommen verbeurden. In de tussentijd heeft het college niet ingevorderd, noch stuitingshandelingen verricht. De bevoegdheid tot invordering is daarmee, gelet op artikel 5:35 Awb, op 16 december 2015 verjaard.

Nu invordering niet meer mogelijk is, heeft appellant volgens de Afdeling geen belang meer bij een inhoudelijk oordeel over de rechtmatigheid van de last onder dwangsom. Ook niet als dit oordeel kan worden betrokken bij eventuele toekomstige verzoeken om handhaving tegen het naburige perceel. Omdat invordering niet meer mogelijk is, kan geen uitvoering meer worden gegeven aan de last en heeft appellant geen belang meer bij een uitspraak daarover. Het hoger beroep is niet-ontvankelijk.

Voor meer informatie over deze uitspraak kunt u contact opnemen met Monique


Sluit je aan bij de
800+ abonnees 
en schrijf je in voor de
wekelijkse Omgevingsflits:

Volg ons:

© SAM advocaten. powered by Webconfetti.