verlaten grondentrechter in planschade en nadeelcompensatie zaken

In de onderhavige zaak had appellant een verzoek om planschade ingediend vanwege ten eerste de verlening van een omgevingsvergunning voor het plaatsen van reclamewerk. Ten tweede had het verzoek betrekking op een wijziging van het bestemmingsplan waardoor een uitbreiding van een supermarkt mogelijk wordt gemaakt. Het verzoek is afgewezen. De omgevingsvergunning voor het bouwen is geen schadeoorzaak in de zin van artikel 6.1 Wro. De schade vanwege de wijziging van het bestemmingsplan valt volledig binnen het normaal maatschappelijk risico.

Appellant had in zijn beroepschrift bij de rechtbank alleen gronden aangevoerd over de planschade vanwege de omgevingsvergunning. Twee weken voor de zitting heeft appellant een rapport ingediend, waarin alsnog wordt ingegaan op de planschade vanwege de wijziging van het bestemmingsplan. De rechtbank had dit rapport vanwege strijd met de goede procesorde buiten beschouwing gelaten.

In hoger beroep bij de Afdeling voert appellant alsnog gronden aan tegen het afgewezen verzoek voor zover dat ziet op de planschade vanwege de wijziging van het bestemmingsplan. Voorheen zou de Afdeling hebben geoordeeld dat deze beroepsgronden buiten beschouwing blijven, omdat appellant deze redelijkerwijs ook al bij de rechtbank naar voren had kunnen brengen. Dit werd de grondentrechter tussen beroep en hoger beroep genoemd. In de uitspraak van 9 februari 2022 (ECLI:NL:RVS:2022:363) heeft de Afdeling geoordeeld dat de grondentrechter wordt verlaten, met uitzondering van ‘zaken op het gebied van het omgevingsrecht’. In dat type zaken zou de grondentrechter wel nog gehanteerd worden vanwege de positie van derden-belanghebbenden.

De vraag is nu wat dit betekent voor procedures over planschadebesluiten. De Afdeling overweegt in de onderhavige uitspraak dat zij met ‘zaken op het gebied van het omgevingsrecht’ niet het oog heeft gehad op planschadezaken. De Afdeling concludeert dat bij planschadezaken en andere nadeelcompensatiezaken in het omgevingsrecht de grondentrechter wordt verlaten. Er gelden volgens de Afdeling wel enige beperkingen voor het aanvoeren van nieuwe gronden in hoger beroep. Zo zullen gronden die uitdrukkelijk zijn prijsgegeven, buiten beschouwing worden gelaten als zij in hoger beroep (opnieuw) worden aangevoerd.

Verder kan op een gegeven instemming met een door de rechter in eerste aanleg gekozen werkwijze in hoger beroep niet worden teruggekomen. Deze uitzonderingen doen zich in deze zaak niet voor.

Overigens baat appellant dit niet. Zijn schade valt nog steeds volledig onder het normaal maatschappelijk risico. AbRvS 9 maart 2022, ECLI:NL:RVS:2022:693.

Voor meer informatie over deze uitspraak kunt u contact opnemen met Ineke


Sluit je aan bij de
800+ abonnees 
en schrijf je in voor de
wekelijkse Omgevingsflits:

Volg ons:

© SAM advocaten. powered by Webconfetti.