Van wie is het pakje in de vuilniszak?

11 juni 2021

Tot ergernis van velen komt het verkeerd aanbieden van huisvuil vaak voor. In de rechtspraak zien we regelmatig zaken waarin het bevoegd gezag daartegen optreedt met spoedeisende bestuursdwang (door het zelf verwijderen van de vuilnis). Sluitstuk van die handhaving is dan het kostenverhaal op de overtreder. Maar wie is die overtreder? Het bewijs voor wie overtreder is, wordt meestal in de vuilnis aangetroffen. Denk bijvoorbeeld aan namen en adressen op poststukken in de vuilniszak. Het is dan vaste rechtspraak dat het bevoegd gezag ervan mag uitgaan dat de persoon tot wie de aangetroffen afvalstoffen kunnen worden herleid, ook de overtreder is. Dat is alleen anders indien de betrokkene het tegendeel aannemelijk maakt.

Meestal slaagt de betrokkene niet in dit bewijs. Meestal niet, maar soms wel. Een voorbeeld van een geval waarin de betrokkene slaagt in het aannemelijk maken van het tegendeel zien we in een uitspraak van de Afdeling in de zaak van 9 juni 2021 (ECLI:NL:RVS:2021:1228). In de vuilnis was een pakket aangetroffen die was geadresseerd aan betrokkene. Zij betwist echter dat de betreffende huisvuilzak van haar afkomstig is. Weliswaar staat haar naam op het pakket, maar zij stelt deze nooit te hebben ontvangen. Zij maakt dit aannemelijk door het overleggen van een aantal e-mails tussen haar, de verzender van het pakket en de bezorgdienst (DHL). Hieruit blijkt dat zij heeft gemeld aan de bezorgdienst dat zij het pakket niet heeft ontvangen. DHL schrijft dat het pakket aan haar adres is bezorgd, maar niettemin slaagt betrokkene erin aannemelijk te maken dat zij het pakket niet heeft ontvangen. Betrokkene wijst in dat verband op haar hoge leeftijd en op het feit dat zij en haar man altijd thuis zijn vanwege het coronavirus.

De Afdeling acht het onder meer relevant dat DHL weliswaar heeft aangegeven dat het pakket is bezorgd, maar dat uit het mailverkeer ook blijkt dat DHL niet uitsluit dat betrokkene het pakket toch niet heeft ontvangen. Daarbij komt dat betrokkene heeft toegelicht dat het voorkomt dat pakketbezorgers pakketten in de hal van het appartementencomplex waar zij woont neerzetten. De Afdeling acht het aannemelijk dat in dat geval wordt geregistreerd dat een pakket is afgeleverd (ook indien de ontvanger het pakket niet persoonlijk in ontvangst heeft genomen). Hieruit vloeit volgens de Afdeling voort dat uit het enkele feit dat DHL stelt dat het pakket is afgeleverd, niet volgt dat betrokkene het pakket zonder meer moet hebben ontvangen. Mede gelet hierop concludeert de Afdeling dat betrokkene voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij het pakket niet heeft ontvangen en dat zij niet degene is geweest die de afvalzak verkeerd heeft aangeboden.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Monique


Sluit je aan bij de
800+ abonnees 
en schrijf je in voor de
wekelijkse Omgevingsflits:

Volg ons:

© SAM advocaten. powered by Webconfetti.