Parkeren, voorwaarde beschikbaar blijven parkeerplaatsen op particulier terrein

De uitspraak van de AbRvS van 14 september 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2690 draait om de vraag of het college een omgevingsvergunning voor de verbouw van een gebouw tot 24 appartementen had mogen verlenen, zonder dat wordt voorzien in parkeerruimte voor auto’s op eigen terrein.
Voorafgaand aan deze discussie speelt allereerst de vraag of rekening moest worden gehouden met het feit dat het gebouw voor de aanvraag van de omgevingsvergunning leeg stond. Relevant daarvoor is dat volgens vaste rechtspraak van de Afdeling, bijvoorbeeld de uitspraak van 21 april 2021 (ECLI:NL:RVS:2021:865) bij de beoordeling of wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid alleen rekening hoeft te worden gehouden met de toename van de parkeerbehoefte als gevolg van het realiseren van het bouwplan. Een eventueel bestaand tekort kan als regel buiten beschouwing worden gelaten.

Dit houdt in dat slechts rekening moet worden gehouden met de toename van parkeerbehoefte als gevolg van het realiseren van het bouwplan ten opzichte van de al bestaande parkeerbehoefte vanwege het te verbouwen pand. Zoals de Afdeling heeft overwogen in de uitspraak van 13 december 2017, (ECLI:NL:RVS:2017:3449) is leegstand van een pand gedurende een periode daarbij niet relevant. Dit betekent dat het college niet verplicht was om de parkeerbehoefte van de vroegere groepswoningen voor verslaafden te bepalen door te onderzoeken hoeveel parkeerruimte daarvoor destijds feitelijk in gebruik was. Het mocht aansluiting zoeken bij normen op dezelfde wijze als het voor de parkeerbehoefte van de nieuwe appartementen gebruik heeft gemaakt van normen.

Vervolgens wordt vastgesteld dat de parkeerbehoefte zes parkeerplaatsen bedraagt. De parkeerbehoefte wordt niet op eigen terrein of op de openbare weg, maar op een particulier parkeerterrein opgevangen. De Afdeling acht het van belang dat de blijvende beschikbaarheid van deze parkeerplaatsen wordt gewaarborgd en voorziet zelf in de zaak door een voorwaarde aan de omgevingsvergunning toe te voegen. Deze luidt:
“De 24 appartementen mogen niet in gebruik worden genomen en niet in gebruik blijven als niet gewaarborgd is dat minstens zes parkeerplaatsen op de [locatie 2], of op één of meer andere door het college goed te keuren locaties, beschikbaar zijn voor bewoners van deze appartementen.”

Voor meer informatie over deze uitspraak kunt u contact opnemen met Janike.


Sluit je aan bij de
800+ abonnees 
en schrijf je in voor de
wekelijkse Omgevingsflits:

Volg ons:

© SAM advocaten. powered by Webconfetti.