Hoeveel geluidhinder van evenementen te dulden?

Er wordt al lang uitgekeken naar een uitspraak van de Afdeling over de vraag wanneer nu als gevolg van evenementen onaanvaardbare geluidoverlast ontstaat. De hier besproken uitspraak, AbRvS 11 mei 2016, nr. ECLI:NL:RVS:2016:1245 ziet op een omgevingsvergunning voor het afwijken van een bestemmingsplan (ex artikel 4 lid 8 bijlage II Bor) voor het Hardshock Festival aan de Wijthmernerplas in Zwolle. In de uitspraak wordt deze vraag niet beantwoord, maar wel een tipje van de sluier opgelicht. Volgens de in bezwaar gehandhaafde omgevingsvergunning mag het equivalente geluidsniveau LAeq op de gevel van woningen of andere geluidgevoelige bestemmingen veroorzaakt door de in de aanvraag genoemde activiteiten niet meer bedragen dan 85 dB(A)/95 dB(C) gedurende de periode van 12:00 uur tot 24:00 uur.

De rechtbank heeft, na een advies van het StAB, vastgesteld dat het Hardshockfestival leidt tot onduldbare hinder omdat een omwonende om verstaanbaar te zijn in de eigen woning met forse stemverheffing moet spreken. De omstandigheid dat de grens van onduldbare hinder wordt overschreden kan volgens de rechtbank niet in het kader van een belangenafweging ter zijde kan worden geschoven om voorrang te verlenen aan andere belangen, zoals het maatschappelijk belang bij het organiseren van evenementen. De rechtbank toetst daarbij, gelet op het ontbreken van verdere onderzoeken ter zake en de omstandigheid dat de geraadpleegde deskundige daarover geen onderbouwde, andersluidende visie heeft verstrekt, aan de Nota “Evenementen met een luidruchtig karakter” van de Inspectie Milieuhygiëne Limburg”. Nu het bronvermogen niet is gemaximeerd en het equivalente geluidsniveau op de gevel van woningen 85 dB(A)/ 95 dB(C) mocht bedragen, wordt niet uitgesloten dat eiseres onduldbare hinder als zou kunnen ondervinden. Daarbij heeft de rechtbank nog aangetekend, dat niet is onderzocht hoeveel dB de geluidswering van de woning van de omwonende is.

Bijzonder is dat de geluidoverlast in de setting van onduldbare hinder wordt beoordeeld. Een term die wordt gebruikt in artikel 4.1.6 APV. In ruimtelijke besluiten wordt de geluidhinder getoetst aan de vraag of een goed woon- en leefklimaat gegarandeerd is.

De StAB heeft, volgens de Afdeling terecht geconcludeerd dat de grondslag voor de Nederlandse wet- en regelgeving omtrent geluidshinder is gegeven in de publicatie ISO-Recommendation R-1996 (hierna: ISO R-1996). Daarin is geen duidelijke grens opgenomen voor het bepalen van onduldbare hinder. Naar het oordeel van de Afdeling hoeft de verleende geluidbelasting niet noodzakelijkerwijs te leiden tot het oordeel dat deze hinder onaanvaardbaar is. Dat oordeel is afhankelijk van het antwoord op de vraag of het college aan de belangen die zijn gediend met de activiteit die dit geluid veroorzaakt redelijkerwijs doorslaggevend gewicht heeft kunnen toekennen. Met andere woorden; of sprake is van onduldbare hinder, wordt bepaald door de belangenafweging van het bevoegd gezag en niet alleen door een bepaalde geluidbelasting.

Desondanks gaat het niet goed met dit besluit, en wel om dezelfde reden als eerder ook het vaststellingsbesluit van het bestemmingsplan voor de Wijthmenerplas onder uit ging. Het bevoegd gezag heeft hangende de procedure al te kennen gegeven dat zij lagere geluidgrenswaarden aan het besluit wilde verbinden. Verder is onvoldoende onderzocht wat de gevolgen voor omwonenden zouden zijn indien de in de vergunning toegestane maximale grenswaarden van 85 dB(A)/95 dB(C) ten volle zouden worden benut


Sluit je aan bij de
800+ abonnees 
en schrijf je in voor de
wekelijkse Omgevingsflits:

Volg ons:

© SAM advocaten. powered by Webconfetti.