Belanghebbende bij omgevingsvergunning milieu

In de uitspraak van AbRvS 16 maart 2016, ECLI:NL:RVS:2016:737 hakt de Afdeling een knoop door over de beoordeling van belanghebbendheid bij omgevingsvergunningen voor de activiteit “milieu”. Daarnaast is de uitspraak van belang voor de beoordeling van geluid bij evenementen, deze overwegingen worden in deze samenvatting niet uitgewerkt. De uitspraak gaat over beroepen die zijn ingediend tegen een besluit van het college van GS een wijzigingsvergunning voor de gehele inrichting verleend. Een  appellant woont op 5 km afstand, de andere appelante komt op voor de eigenaren van de recreatiewoningen in het bungalowpark “De Boschberg”, dat op ongeveer 1 km van de inrichting ligt.

De vraag is of de appellant die op 5 kilometer afstand woont, als belanghebbende valt aan te merken. Daarbij spitst de discussie zich toe op de vraag hoeveel overlast een persoon moet ervaren om belanghebbend te zijn. De rechtbank heeft overwogen dat weliswaar aannemelijk is dat bij muziek- en dance-evenementen bastonen bij de woning van appellant te horen zijn, maar dat, onvoldoende vaststaat dat de inrichting hinder van enige betekenis zal ondervinden. Appellant stelt dat het kunnen horen van het geluid voldoende is om als belanghebbende te worden aangemerkt.

De Afdeling komt terug op eerdere jurisprudentie, deze lijn luidde dat als een persoon milieugevolgen van een inrichting werd ondervonden, deze als belanghebbende werd aangemerkt. Niet van belang was in hoeveel overlast deze persoon ondervond; zie bv AbRvS 12 september 2012 nr. 201103786/1/A4. De afgelopen jaren heeft de Afdeling bij evenementen-vergunningen en bestemmingsplannen een andere keuze gemaakt, namelijk dat een persoon alleen als belanghebbende kan worden aangemerkt indien deze hinder van enige betekenis ondervindt, AbRvS 22 oktober 2014, nr. 201402260/1/A3 en 10 december 2014 in zaak nr. 201308511/1/R4. De Afdeling overweegt vervolgens dat uit een oogpunt van eenvormige toepassing van artikel 1:2 Awb bij de bepaling van de belanghebbendheid bij milieuomgevingsvergunningen wordt aangesloten bij deze  laatst genoemde uitspraken.

Appellant 1 heeft niet aannemelijk gemaakt dat hinder van enige betekenis wordt ervaren. De omstandigheid dat lage tonen mogelijk hoorbaar zijn is daarvoor onvoldoende. Appellant 1 is geen belanghebbende bij het besluit.

Voor meer informatie over deze uitspraak kunt u contact opnemen met Janike


Sluit je aan bij de
800+ abonnees 
en schrijf je in voor de
wekelijkse Omgevingsflits:

Volg ons:

© SAM advocaten. powered by Webconfetti.